Wat is geluk?

Eerder dit jaar bezocht ik een lezing van professor Ruut Veenhoven van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Veenhoven heeft onderzoek gedaan naar hoe gelukkig mensen zijn in verschillende landen op de wereld, en heeft hier vervolgens een rangorde in aangebracht. Om het geluk van deze mensen te kunnen meten werd hen gevraagd om dat zelf te beoordelen  en aan te geven met een cijfer tussen 1 en 10.

Terwijl ik deze methodiek op me in liet werken, vroeg ik me af of je geluk eigenlijk wel kunt meten op deze manier, en helemaal of je deze cijfers dan in een rangorde kunt plaatsen. En deze vraag heeft me sindsdien niet meer losgelaten. Ik twijfelde aan het gegeven of iedereen wel in staat is om te beoordelen hoe gelukkig zijn leven is. Immers: een inwoner van een ontwikkelingsland die redelijk in staat is het hoofd boven water te houden terwijl hij om zich heen ziet hoe anderen het veel slechter hebben, zou zijn leven kunnen beoordelen met een 9. Een inwoner van een geïndustrialiseerd land die op zijn minst aan de maatstaven van eerder genoemde “9” voldoet, zou zich echter kunnen realiseren dat het leven nog veel meer te bieden heeft, en zijn leven bijvoorbeeld met een 8 beoordelen.

Is laatstgenoemde dan ongelukkiger?

Ik vraag me af of er objectieve maatstaven zijn waarop geluk kan worden beoordeeld. Enigszins tot mijn verbazing merkte ik dat vrienden met wie ik deze vraag besprak, me er nagenoeg zonder uitzondering op wezen dat alleen een persoon zelf kan oordelen over zijn levensgeluk. Zij wekten de indruk dat het bijna van arrogantie getuigt om daarover iets van een ander te zeggen. En daarin hebben zij gelijk: het gebruik van het woord “geluk” heeft in de taal een hardomlijnde betekenis, en die laat weinig ruimte. Maar misschien moeten we die definitie een beetje loslaten. Het is jammer om op symantische gronden niet over deze vraag na te denken.

Dus: Zijn er objectieve maatstaven om iemands “geluk” te kunnen meten? En zijn die dan echt universeel? Ik ben daar nog niet uit, maar doe toch een voorzichtige poging. Volgens mij wordt geluk grotendeels bepaald door de volgende criteria:

1. Liefde en lust
2. Vriendschap
3. Denken
4. Esthetiek

Ik denk dat bevrediging op deze vlakken leidt tot het ultieme levensgeluk. Ik zal ze hieronder kort toelichten.

1. Liefde en lust

Ik heb getwijfeld of ik liefde en lust als losstaande elementen moest opnemen in het lijstje, en zelfs of ik daar “verliefdheid” als apart onderdeel aan toe moest voegen. Uiteindelijk heb ik besloten ze toch onder een noemer te vangen. Want hoewel verliefdheid, liefde en lust op zichzelf staande zaken zijn, vertonen ze toch veel overlap. In mijn ogen vormen ze de sterkste emotie van de mens. Wanneer verliefdheids- en/of lustgevoelens worden bevredigd, lijdt dat tot een ultiem geluksgevoel. Maar zelfs wanneer de weg naar deze bevrediging lang en moeizaam is, of zelfs uitblijft, dan nog zou ik willen pleiten voor de grote bijdrage aan het geluk op de lange termijn. Er zijn weinig zaken die iemand zo met zichzelf confronteren als een totale focus van de gedachten op een ander. De ervaring van het gevoel leidt tot een grote bewustwording van zichzelf.

Er is niets wat de mens zo bezighoudt als andere mensen. Het verlangen naar een (of meerdere) ander(en) is overweldigend. Hoe snel de mens zich ook ontwikkeld, hoe veel kennis en technologie we er ook bijkrijgen, ons verlangen naar anderen blijft onvermoeid prioriteit hebben.

De fascinatie voor die ene andere kan heel duurzaam zijn, of heel vluchtig. Beide worden op eigen wijze gecultiveerd. Soms leidt die fascinatie voor een ander tot verliefdheid, wat op zijn beurt weer kan uitmonden in een liefdesrelatie. Maar even zo vaak is de fascinatie van korte duur (of duurt zelfs maar een fractie van seconden, bijvoorbeeld bij het in het voorbijgaan passeren van de ander). Ik heb gemerkt dat hoewel deze schaal héél breed is, dit soort gevoelens heel veel effect kunnen hebben. Ze voeden de geest.

Voor wat betreft de praktische invulling van de liefde en lust zijn er veel vormen denkbaar. Ik denk dat deze invulling in veel meer gevallen gebaseerd is op culturele maatstaven, dan veel mensen zichzelf realiseren. Op zich is dat niet erg natuurlijk, maar zoals ook bij de volgende punten uit mijn lijstje zal blijken, denk ik dat beperkingen in het absorberen van geluk -daar waar zij een ander niet schaden- zo veel mogelijk vermeden zouden moeten worden. Hoewel gecompliceerd, zijn het ervaren van liefde, verliefdheid en lust in mijn ogen een van de belangrijkste pijlers onder het menselijk geluk.

2. Vriendschap

Vriendschap kent vele vormen. Maar volgens mij wordt vriendschap het allermooist gecultiveerd in gesprekken. Bij voorkeur één-op-één. Het voeren van een lang gesprek, waarin gedurende de avond steeds dieper wordt ingegaan op elkaars ideeën en gevoelens kan een extatische ervaring opleveren. Die kan zitten in herkenning, of juist in nieuwe inzichten en invalshoeken die compleet nieuwe denkbeelden opleveren. Die inspireren.

Wat maakt dat mensen bij elkaar passen als vrienden? Ik denk dat mensen van velerlei pluimage met elkaar bevriend kunnen zijn. Mensen met verschillende levensstijlen en achtergronden. Maar ik denk wel dat er een aantal randvoorwaarden zijn voor een goede vriendschap. Want hoe verschillend vrienden ook kunnen zijn, de essentiële waarden in het leven zullen overeen moeten komen. Ik kan me niet voorstellen bevriend te zijn met iemand die een radicaal ander wereldbeeld heeft dan ik, fundamenteel andere dingen belangrijk vindt, of niet de belangrijkste waarden met me deelt. Je kunt van mening verschillen over wat de beste muziek is of welke computer je zou moeten gebruiken, maar niet over zaken als goed en fout.

Ik zou zelf dus nooit bevriend kunnen zijn met iemand die bijvoorbeeld een religie als basis gebruikt voor het bepalen van de waarden in zijn leven, omdat dit lijnrecht staat tegenover de autonome verantwoordelijkheid om zélf na te denken. In het volgende punt kom ik hier op terug.

3. Denken

Ik ben ervan overtuigd dat het nadenken over de invulling van het leven een grote bijdrage leveren aan het geluk. Gedwongen worden om te bepalen “waar je staat” maken dat je veel bewuster bent van de keuzes die je maakt. Dit kan dan gaan om ideeën over goed en kwaad, de verantwoordelijkheid van mensen onderling of politieke invulling. Maar ook over wat het leven voor iemand écht de moeite waard maakt, en daarbij zo veel mogelijk weerstand te bieden tegen gebruikelijke conventies die wellicht niet in lijn zijn met iemands persoonlijke opvattingen.

Om dit denken zo goed mogelijk te stimuleren zijn gesprekken met anderen, en het lezen over wat eerdere denkers hierover hebben geschreven, de beste en meest bevredigende middellen. Uit ervaring ken ik het gevoel een tekst te lezen (hetzij van een gelauwerd klassiek filosoof, hetzij van een columnist uit de krant van gisteren), die een grote innerlijke opwinding los kan maken. Soms komt dat door de nieuwe inzichten die een tekst kan geven, maar regelmatig ook door de herkenning van eigen denkbeelden in het gedachtengoed van anderen. Die dat misschien weer net iets anders, en beter, verwoorden.

Zulke nieuwe inzichten kunnen vervolgens weer gedeeld worden met vrienden. Die wisselwerking ontbreekt bij het geschreven woord, en is daarom ook zo belangrijk.

Nadenken over dingen “die er toe doen” kan uitermate bevredigend zijn, maar is voor sommige mensen ook lastig. Zeker als je zelf je positie moet bepalen. Niets lijkt dan makkelijker om alle antwoorden op wat iemand van iets moet vinden gewoon te krijgen aangereikt. Het verklaart ook het succes van godsdiensten. En daarmee zijn we op de grootste bedreiging van het vrije denken aanbeland. In een godsdienst worden kaders aangereikt, die door de vorm niet of nauwelijks voor eigen interpretatie open staan. En die, immers aangereikt in geschriften, ook niet onderhavig zijn aan veranderingen en nieuwe inzichten. Natuurlijk zijn er altijd mensen die beweren dat religieuze geschriften op velerlei wijzen zijn te interpreteren (zo heb ik wel eens iemand horen zeggen dat “Hij die ligt bij een man zoals bij een vrouw begaat een gruweldaad, beiden zullen ter dood worden gebracht en hebben de dood aan zichzelf te danken — Leviticus 20:13” eigenlijk gelezen moet worden als “je moet eens een goed gesprek met elkaar hebben”), maar deze mensen weten ook dat zij zich in alle mogelijke bochten wringen omdat ze hun eigen ideeën over goed en kwaad niet meer kunnen verenigen met de door de religie aangereikte waarden.

Godsdienst is de hamer aan het vrije denken, en belemmert mensen dus om de ontwikkeling en de bijbehorende bevrediging mee te maken die ik eerder beschreef.

Denken over het leven is niet altijd makkelijk. Het bepalen van je positie en het vaststellen van de doelen in je leven kunnen lastig zijn, en zijn bovendien vaak een (levens)lang lopend proces. Maar het doormaken van het proces, en het kunnen delen ervan met anderen, zijn uitermate bevredigend.

4. Esthetiek

Schoonheid is van grote toegevoegde waarde in het leven. Hierbij maak ik onderscheid in twee categorieën: cultuur en natuur.

Na bovengenoemde drie zaken behoren kunst-uitingen tot de meest indringende ervaringen die een mens kan hebben. Of dit nu gaat om een muziekstuk, een boek, een schilderij, een toneelvoorstelling, een film of iets anders. Ikzelf onderga nog steeds een heftige emotie wanneer ik het nummer “Travel” van de Nijmeegse band The Gathering hoor, of Air in G van Bach beluister. Of wanneer ik een aangrijpende young-adult roman lees van schrijvers als Per Nilsson of John Green. Kunst kan raken op onbewuste levels (zoals vaak het geval is bij muziek of meer abstracte vormen van kunst), of raken aan gevoelens en gedachtes (zoals bij boeken of films).

Vervolgens is er de schoonheid van de natuur. Een nachtelijke sterrenhemel, het prachtige uitzicht vanaf een hoge berg of een treurwilg die boven een vijver hangt. Er zijn weinig zaken die de mens zo met de neus op de feiten drukken dat hij of zij onmiskenbaar veel geluk heeft geboren te zijn als de schoonheid van de natuur. De gedachte dat dingen die geen feitelijk doel hebben toch zó mooi kunnen zijn. Een mooiere metafoor voor het leven is er niet.

Het is een geweldige ervaring om open te staan voor het effect dat deze vormen van esthetiek kunnen hebben.

Wat ontbreekt?

Bovenstaand lijstje is mijn poging om de essentie van het leven te vatten in een aantal zaken. Zaken waarvan ik denk dat ze een enorme bijdrage leveren aan het levensgeluk. Maar de lijst is gebaseerd op mijn eigen ervaring. In een poging de lijst echt universeel te maken heb ik lang nagedacht over welke zaken ontbreken die misschien in míjn leven geen (grote) rol spelen, maar die voor anderen wellicht wel van groot belang zijn.

Op de eerste plaats staat dan waarschijnlijk het krijgen en opvoeden van kinderen. Hoewel ik me de intense bevrediging daarvan (en het verlangen ernaar – ik heb dat zelf tijdens een eerdere periode in mijn leven ook gekend) goed kan voorstellen, vraag ik me af of het krijgen van kinderen een essentiëel universeel ingrediënt is voor geluk. Merk op dat het hier gaat om zingeving, niet om biologische voorbestemming.

Ten tweede is er professionele ontplooïng, platter gezegd: het maken van carriere. Veel mensen hechten groot belang aan de positie die hun werk inneemt in hun leven. Voor mij zou een dergelijke ontplooïng echter meer op een lijn staan met hobby’s en interesses: leuk als tijdsverdrijf, maar niet essentiëel voor geluk.

Verantwoordelijkheden en waarden

Het leven heeft geen “doel” in filosofisch opzicht. Zelfs of er een biologisch “plan” is valt te betwijfelen, maar dat valt sowieso buiten het kader van dit artikel (en mijn interessegebied). Dit neemt echter niet weg dat ik vind dat de mens wel een verantwoordelijkheid draagt. Namelijk een verantwoordelijkheid ten opzichte van andere mensen. Als er één taak genoemd moet worden die een mens in mijn ogen dient te vervullen, dan is het een bijdrage leveren aan het geluk van anderen. Of, als dat door omstandigheden niet mogelijk is, om het geluk van anderen niet in de weg te staan.

Met het wegvallen van godsdiensten en andere waarde-bepalende autoriteiten hebben sommige mensen moeite met de vraag wie of wat dan moet bepalen wat goed of fout is. Toch lijkt mij deze vraag in de basis niet heel moeilijk om te beantwoorden. Ik ga uit van twee “regels”

– Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet

– Iets wat iemand gelukkig maakt en een derde niet schaadt, kan in beginsel nooit afkeurenswaardig zijn

Met dat laatste bedoel ik dat niemand een ander een moraal kan opleggen, zolang die ander zelf geen schadelijke gevolgen ondervindt van de acties van de eerste. Met name op het gebied van sexualiteit is daar uiteraard vaak sprake van. Denk aan het afkeuren van homosexualiteit door veel gelovigen. Ik denk dat het tot de taak van weldenkende mensen behoort om op te komen voor de vrijheden van anderen om hun geluk na te jagen op de manier die zij prettig vinden.

Je zou ook nog het een en ander kunnen zeggen over waar de autonomie van een persoon ophoudt. Heeft iemand het recht om zichzelf geestelijk en lichamelijk te gronde te werken, bijvoorbeeld door drugsmisbruik, onder de noemer zelfbeschikking? Of heeft de maatschappij dan het recht hier tegen op te treden? Ik neig naar het laatste, maar ben er nog niet uit.

Conclusie

Het is interessant om na te denken over “waar het om draait”. Interessanter nog is om na te gaan of deze zaken universeel zijn en voor alle mensen een welkome aanvulling zijn op, of zelfs een essentiëel onderdeel zijn van, hun levensgeluk.

Laten we het voorbeeld uit het begin, over de inwoner van een ontwikkelingsland versus de inwoner van een westers land, nu eens alsvolgt vertalen. Stel je een man voor die, hetzij door bewuste keuzes, hetzij door beperkte intellectuele vermogens, een betrekkelijk eenvoudig leven heeft geleid, veel gewerkt heeft, en voornamelijk tijd alleen heeft doorgebracht. Wanneer men deze man aan het einde van zijn leven zou vragen zijn leven te beoordelen, zou hij kunnen zeggen dat zijn leven een 9 krijgt. Hij had immers alles waar hij behoefte aan had.

Dan gaan we naar onze hypothetische tegenhanger. Deze persoon heeft een leven geleid waarin hij zinderende liefdes heeft gekend, gemerkt heeft hoe veel mooie dingen indruk op hem hebben gemaakt, diepgaande vriendschappen gehad waarin hij alles wat hem bezighield heeft kunnen bespreken en hij veel heeft nagedacht over het leven en de invulling die hij er aan wilde geven. Toch denkt de man dat er nog genoeg onderwerpen waren om over te praten, genoeg liefdesgevoelens bevredigd zouden kunnen worden en er veel te veel mooie boeken en muziek zijn geschreven om ze allemaal te lezen en te beluisteren. Hij geeft zijn leven een 8.

Ik blijf zitten met de vraag: Is het echt zo dat alleen iemand zélf kan beoordelen hoe gelukkig hij of zij is?

2 Responses to Wat is geluk?

  1. Bart says:

    Het lijkt mij dat alleen iemand zelf kan beoordelen hoe gelukkig hij of zij is. Iemand die de talenten en vaardigheden heeft meegekregen om hoog in de sociale/culture ladder te komen hoeft immers helemaal niet tevreden te zijn met hetgene wat hij of zij bereikt. Er wordt ook veel meer verwacht wordt van deze persoon. Ontstaat het beeld dat een sociaal-succesvol persoon gelukkiger niet doordat die persoon gewoon heel goed is in het verkopen van dat beeld? In onderzoeken die ik heb gelezen komt naar voren komt dat mensen met weinig stressfactoren (zoals geen sociaal vangnet of hoge werkloosheid) over het algemeen gelukkiger zijn, maar ligt het uiteindelijk niet aan de persoon zelf hoe ze in het leven staan?

  2. Marjolein says:

    Interessante artikelen Jorg!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: